Met Prins Robèrt bouwen aan een gezellig carnaval

Gepubliceerd op Tuesday 11 November 2014 11 November 2014

_DSC5881Tijdens de viering van Elf-elf op het Willemsplein is gisteren de nieuwe Prins van Kruikenstad gepresenteerd. Prins Robèrt d’n Irste is de vierentwintigste Prins van Kruikenstad. Wij spraken hem voor de presentatie al uitvoerig over carnaval, tradities en de rol van de Prins.

We worden met een grote glimlach ontvangen bij Prins Robèrt (Verheijden) thuis. De joviaal lachende 41-jarige vader van twee zoons heeft er zin in om het boegbeeld van carnaval in Kruikenstad te zijn in het komende carnavalsseizoen. “Toen ik gevraagd werd door de voorzitter van de Prinsencommissie was mijn instinct om meteen ‘ja’ te zeggen. Ik hoopte wel dat ik ooit gevraagd zou worden voor deze mooie en eervolle rol, maar als het dan zo ver is, moet je toch even goed nadenken. Ik weet hoe druk de Prins van Kruikenstad het heeft. Maar feitelijk hoefde ik er niet echt over na te denken óf ik het wilde doen, maar vooral hoe ik de praktische zaken zou kunnen regelen met mijn gezinsleven en uiteraard bij mij op de zaak. Ik heb als eigenaar van Bouwaccent een zeer drukke baan. Gelukkig heb ik goede mensen op kantoor. Die weten nu nog van niks, maar die zullen na Elf-elf wel verrast zijn.”

Dat Prins Robèrt inzicht heeft in hoe druk een Prins van Kruikenstad het heeft, is niet zo raar. Onze nieuwe Prins kent het klappen van de zweep. Hij heeft jarenlang in de muziekcommissie van de Carnavalsstichting gezeten, was voorzitter van de Feestcommissie en vervulde vier jaar de rol van lid van de Raad van XI: “Ik heb met heel veel plezier onder drie Prinsen van Kruikenstad mogen dienen als raadslid. Prins Mark d’n Irste, Prins Pieter d’n Irste en Prins Jean-Pierre d’n Irste. In die jaren heb ik heel veel lol gehad. Ik heb mooie momenten gekend en genoten van al die bezoeken die de Prins van Kruikenstad en zijn gevolg afleggen. Of we nou rolstoelen voortduwen in polonaise bij Amarant, een grote vereniging bezoeken als de Görkese Turken of een stichtingsevenement bijwonen; het is allemaal even mooi. Dat plezier wat ik heb tijdens carnaval met de Raad van XI, de Lijfwacht en de Hofkapel, daar wil ik de Kruiken en Kruikinnen deelgenoot van maken. Die wil ik mee laten genieten van het feest wat wij vieren.”

De nieuwe Stadsprins beseft zich heel goed dat er met argusogen naar de Prins van Kruikenstad gekeken wordt, maar hij heeft er vertrouwen in dat hij het ambt met verve zal vervullen, al moet hij naar eigen zeggen nog wel een beetje wennen aan het feit dat mensen hem vanaf nu aan zullen spreken als ‘Hoogheid’. “Ik zal vooral proberen mezelf te blijven met inachtneming van het protocol, want dat vind ik wel belangrijk. Ceremonie is een onderdeel van de rol van de Prins en van elk bezoek. Je moet je heel goed bewust zijn van het feit dat iedereen naar je kijkt, met je op de foto wil en blij is als de Prins een onderscheiding om hangt of opspeldt. Wat ik bedoel met dicht bij mezelf blijven? Daarmee bedoel ik dat je als Prins een rol hebt, maar dat je geen typetje moet spelen. Daar prikken mensen ten eerste zó doorheen en daarnaast vind ik dat ook niet bij carnaval horen. Carnaval is een feest van ontspanning en van op een goede manier de bloemetjes buiten zetten. Van oudsher is met carnaval iedereen gelijk en dat vind ik wel een mooie gedachte, dat we het samen vieren en dat we samen doorbouwen op het geweldige feest wat carnaval in Kruikenstad is.”

Als Adjudant heeft Prins Robèrt d’n Irste zijn goede vriend Jeroen Haarselhorst (37) gevraagd. Deze Account manager bij Vervoort Meubelen en vader van een dochter, hoefde daar niet lang over na te denken. Na een lidmaatschap van de Lijfwacht onder Prins Joep de Twidde en in de Raad van XI onder de Prinsen Jean-Pierre en Frans-Jan kunnen we deze Adjudant betitelen als ervaringsdeskundige. “Het laatste jaar van Prins Robèrt in de Raad, was mijn eerste. Daarvoor kenden we elkaar al, maar sinds die tijd zijn we echte vrienden. We gaan elk jaar samen op wintersport en komen geregeld bij elkaar over de vloer.”

Toch denkt de nieuwe Adjudant dat het toch heel anders gaat worden dan zijn eerdere jaren in het gevolg van de Prins. Toen ik Lijfwacht werd, wist ik niet wat me overkwam. Toen ik daarna in de Raad kwam, dacht ik dat ik het allemaal al wel had gezien, maar ook die rol is heel anders. En deze rol in de spotlights achter de Prins zal weer heel anders zijn, maar ik heb er wel heel veel zin in.”

Dat de Prins en de Adjudant door hun vriendschap goed op elkaar ingespeeld zijn en het goed met elkaar kunnen vinden, blijkt het beste tijdens een drankje in de tuin van de Prins na afloop van het interview. De twee halen samen met Mark van Stappershoef (oud-Prins en voorzitter van de Prinsencommissie) herinneringen op aan hun gezamenlijke tijd in de Raad van XI. De lol die de twee uitstralen en de passie waarmee ze praten over het carnavalsfeest, werkt aanstekelijk. Als dit enthousiasme ook op deze manier met alle Kruiken en Kruikinnen gedeeld gaat worden, dan gaan we een mooi carnavalsjaar tegemoet. Wij willen hen in ieder geval vanaf deze plek veel succes en vooral plezier wensen.

Anderen lazen ook:

Vooruitkijken: evenementen Carnavalsstichting Tilburg
Verzin jij het motto voor het volgende carnavalsjaar?