Prins Robèrt uitbundig het tweede jaar in!

Gepubliceerd op Saturday 14 November 2015 14 November 2015

Tijdens Elf-elf stond hij weer enthousiast op het podium van het Willemsplein. Voor het tweede jaar op rij is Prins Robèrt d’n Irste, oftewel Robèrt Verheijden, het gezicht van Kruikenstad! We spreken de Prins en zijn Adjudant Jeroen Haarselhorst een paar weken voor zijn presentatie. Het gesprek leidt tot een tweedelig interview. Het eerste deel weerspiegelt de hoogtepunten in zijn eerste termijn als Prins in het motto-jaar ‘we gon wir bombezjoere’.

We worden hartelijk ontvangen bij de Prins thuis en nemen plaats aan de eettafel. Prins Robèrt vertelt dat hij Kruikenstad al vanuit veel verschillende kanten heeft meegemaakt. Als lid van verschillende orkesten als Orpheus, Trammelanto en CV de Lijntrekkers, maar ook als lid van de muziekcommissie, de feestcommissie en de Raad van Elf. Dankzij zijn muzikale achtergrond vindt hij het Blèrconcours ieder jaar een van de hoogtepunten.
MBF_2072“Ik vind de strijd onderling prachtig! Wie heeft de beste melodie? Wie heeft leukste en meest pakkende tekst en het mooiste arrangement? Als een groep een nummer inzet, voel je vaak al na 10 seconden of het een lekker nummer is.” Adjudant Jeroen vult hem aan: ”Los van tekst en inhoud voel je over het algemeen wel of een nummer goed past. Ook al kan je er soms natuurlijk wel naast zitten. Vorig jaar zeiden we al snel tegen elkaar dat het tussen twee nummers zou gaan. En dat was ook zo.”

Gedurende het gesprek zal Adjudant Jeroen de Prins nog diverse keren aanvullen. Dit toont dat de heren goed op elkaar zijn ingespeeld. Ze doen heel veel samen, ook in het carnavalsleven. Ze zaten vier jaar samen in de Raad van Elf en vier jaar samen in de feestcommissie van de Carnavalsstichting. Prins Robèrt: MBF_3689“De feestcommissie was een geweldige tijd. Wij hebben bijvoorbeeld Elf-elf uit de Schouwburg naar buiten gehaald. Het is een openbaar evenement geworden, zoals je dat in Kruikenstad gelukkig steeds meer ziet. Het vindt allemaal steeds meer buiten op de pleinen plaats.” Het verbaast ons niks dat juist deze Prins in een andere rol eerder Elf-elf naar buiten verplaatste. Het is immers ook deze Prins die tijdens de Opstoet van de Prinsewagen stapt om handen te schudden en de Prins die vindt dat carnaval in Kruikenstad voor álle Kruiken en Kruikinnen is.

Op zijn eerste jaar kijkt Prins Robèrt met een goed gevoel terug. Elf-elf was daarbij heel speciaal; hij leefde er maandenlang naartoe. MBF_3625“Het was spannend. Heel spannend. Maar ook ontzettend leuk!” blikt hij met oplichtende ogen terug. “Als je wordt gevraagd is dat een ontzettende eer. Dat was vorig jaar op 2 mei. Mijn vrouw Marlies heb ik het natuurlijk wel vertelt, maar mijn kinderen en mijn moeder hoorden het pas een paar dagen van tevoren. Net als de moeder van Jeroen”. Van de interne presentatie als Prins Robèrt is een warm en huiselijk moment gemaakt. “Het hele huis zat vol. Ik zat boven vol spanning te wachten en dan is daar plotseling het moment dat je je presenteert ten overstaan van familie en vrienden. Een heel speciaal moment met allemaal mensen die dicht bij je staan. Op dat moment ontmoette ik ook voor het eerst mijn Raad van Elf en Lijfwacht.” Hij gaat verder. “Daarna stap je met zijn allen in de bus naar het Willemsplein en dan voel je de spanning in je lijf.MBF_4588 Je staat daarna te wachten in het Paleis-Raadhuis. Één voor één zie je iedereen het podium op gaan. Met mijn voorganger Prins Joost d’n Irste had ik een paar dagen eerder een hele leuke overdracht, maar op dat moment pakte hij me nog even stevig vast. En als je er dan eenmaal staat, ja, dat is een ongelooflijke ontlading. Geweldig!”

Er zijn meer hoogtepunten. “Samen in het bakje hangen om de Kruikenzeiker op zijn sokkel te zetten was wel heel speciaal. Dat is misschien nog wel mooier dan de sleutel van de burgemeester in ontvangst nemen. Dat was ook geweldig, maar dat bakje, dat is echt bijzonder. Er zijn maar heel weinig Tilburgers die dat mogen doen. Dat geeft een groot eergevoel.” Maar ook het Prinsebal staat hem nog goed bij. “Wij hebben de buitensteedse verenigingen er ook bijgehaald. Wij brengen bezoeken aan al die verenigingen, dan is het ook wel heel leuk om ze in Kruikenstad uit te nodigen.” aldus de Prins. De Adjudant vult aan, “Het is natuurlijk wel het feest van de Prins. Je wordt uitgenodigd en dan volgt een soort receptiemoment. Je wilt alle bezoekers dan de aandacht geven die ze verdienen. MBF_4650Niet alleen de buitensteedse verenigingen natuurlijk, zeker ook alle bezoekers, verenigingen en orkesten uit Kruikenstad zelf. Het is een ontzettende drukke avond, maar gelukkig zorgt de voorzitter van het evenement dat alles in goede banen loopt. Wij genieten er enorm van.”

Dit duo van Prins en Adjudant straalt ontzettend veel plezier uit wanneer ze praat over carnaval en over Kruikenstad. Het kan niet anders dan een uitbundig carnavalsjaar worden. Zeker omdat carnaval dit jaar maar kort duurt (11 weken van 11/11 tot carnaval) en deze heren energie voor tien hebben. Wij wensen hen en alle Kruiken en Kruikinnen in ieder geval vast een geweldig carnavalsseizoen toe!

In het tweede deel van dit interview vertellen Prins en Adjudant hoe het motto van dit carnavalsseizoen ‘Affeseere doe gin zeer’ bij hen en hun rol past en staan ze stil bij hoe belangrijk ze het vinden om vanuit de gedachte ‘Samen groen-oranje’ alle spelers binnen de carnavalswereld voldoende aandacht te geven. Houd deze website en onze Facebookpagina goed in de gaten, want binnenkort verschijnt hier het tweede deel van het gesprek met Prins Robèrt en zijn Adjudant Jeroen.

MBF_9859
(lijfwacht afgelopen jaar)

Anderen lazen ook:

Openbaar Elf-elf in Kruikenstad op de Heuvel
Kwosse Begosse: het stadsembleem